Mot

Keelpijn, wat eerst een mugje was, zat vanmorgen als een volgroeide mot in mijn keel.
Op zo’n moment ben ik zo blij dat ik geen opera zing. Zolang ik hersenen heb kan ik schrijven. En als ik op de radio moet, nou ja, dan fluister ik desnoods. Ik kan heel goed hees fluisteren. Vroeger had ik een eindredacteur die me er expres vroeg om belde. Maar toen werkte ik nog in een nachtkroeg – niet dat je nu denkt dat ik vroeger altijd keelpijn had ofzo.
Ik probeerde te slikken wat niet ging en toen ging mijn opluchting naadloos over in kinderschrik, angst om te stikken. Angst is als een geur, je vergeet het niet, zelfs als je er nooit aan denkt.

Ik ging yoga. En met de kinderen op pad. We kochten enorme pakken wasmiddel. We gingen naar een kinderboerderij waar een varken rondliep dat Remco heette. Wat ik echt een slechte naam vind voor een varken. De keelpijn bleef, ik negeerde mijn keel,ik knielde bij Remco. Maar hij liet zich niet door me achter zijn oor krabben.

 

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.