Buigen

Ik sta achteraan en het is al best warm. Natasja vond het niks, ik wel. Er is iets met die warmte, met yoga, met die concentratie, een uur lang. Niet dat het me lukt, vooral vandaag niet, mijn gedachtes als belletjes in een glas water, dat stil en sereen zou moeten zijn.
Jammer dat er stinkende types tussen zitten, en – vooroordeel om zeep – dat zijn meestal geen mannen, maar vlotte studentes met zo weinig aan dat ze ook geen vies shirtje de schuld kunnen geven – die hebben vast ook belletjes, ergens anders.
Daar moet ik dus NIET aan denken. Hoofd leeg. We gaan bijna beginnen. De juf komt binnen en spreekt Engels terwijl ze niet Engels is, en al die andere mensen hier bij mij in die ruimte – het is best vol, zijn vast ook niet Engels, of één misschien, dat is dan fijn, dan kan die het ook volgen. Stickers op de grond geven aan waar de hoek van je mat moet. Als ik mijn arm strek kan ik het been van belletje aaien.
Ik heb aan één stuk door geslapen vannacht, dat is goed nieuws. Daarvoor reed ik door de avond met de auto uit Tilburg terug en dat klinkt heel eenvoudig, maar ik vind dat best spannend. Het lukte, ik kwam heelhuids terug in Amsterdam, en de voorstelling die ik had gezien was ook al de moeite waard. Dus ik wil het, deze yogazweetles om negen uur ’s ochtends. Je mag, zegt de juf ondertussen, de les opdragen aan iets waar je dankbaar voor bent. Daar ben ik een beetje allergisch voor, voor iets aan iets opdragen. Het klinkt zo wee, maar nog voor ik kan krabben weet mijn lijf het al: ik ben dankbaar voor het leven. Dat heeft vast met Tilburg te maken, in de nacht in de regen zo snel zo hard -want ik mag het dan eng vinden ik kan het niet laten toch iets te hard te rijden. Dankbaarheid omdat ik bang was, ze schurken samen in een hokje. Hoe dankbaarder hoe banger je bent geweest. Zou dat een werkbare theorie zijn? Op zijn minst een verhaal waard. Misschien even proberen, straks, als we hier voldoende opgerekt zijn. En dan ook echt onderzoeken hè, die angst, niet alleen dat blije, ook kwetsbaar durven zijn, daar ben ik dan weer helemaal niet dankbaar voor, voor kwetsbaarheid, klopt mijn theorie dan nog wel? Hup Jowi, roept de juf in mijn hoofd. Buigen.

 

Vergelijkbare berichten

  • Wowowowo

    Het Roverslied is af. Het staat nog niet online, maar het is er al wel. En het is een fijn lied! Niet moeilijk ook. Sterker nog, vanmorgen bij het schoenen aantrekken zong tweejarige Milo het al. Het ging ongeveer zo: Hoihoihoihoi, hohohoho, wowowowo, gogogogo. Eitje.  

  • Leeg peuteren

    Ieder jaar met Kinderboekenweek is het raak: de schoolbezoeken. Scholen nodigen schrijvers uit om in de klas te komen, om ze warm te maken voor lezen of misschien wel schrijven. Dus reizen door het hele land kinderboekenschrijvers met tassen vol boeken, usbsticks vol filmpjes, worden ze losgelaten op scholen met leerkrachten die óf met enthousiasme…

  • Huiler

    Aan de overkant hebben we een huiler. Elke ochtend sta ik er met mijn jongetjes naar te luisteren. Een mannenstem, die laatste gesmoorde schreeuw voor de noodlottige sprong. Maar dan vrij hard voor een gesmoorde schreeuw. En vrij vaak. Moet ik de politie bellen, vroeg ik me de eerste keer af. ‘Er staat een man…

  • De overstap

    Hij kwam binnen met een ‘haai ik ben Dirk.’ Meestal durven mensen niet zomaar een boot binnen, maar deze Dirk de monteur durfde dat wel. Even dacht ik dat hij aardig was. Hij wilde ook koffie. Daarna stelde hij vast dat de modem die ik had, een ‘Rolls Royce’ was. Veel beter dan wat ik…

  • Maakte een reisje

    Op de roltrap riep ik ‘pardon pardon’ en wrong me erlangs. De ene oudere mevrouw zei: ‘Nou ja zeg.’ En de andere: ‘Oh sorry.’ Ik hopte de trein in. Hij vertrok meteen. Eerst was het rustig in de coupé, toen we Utrecht naderden was het al drukker, tegen de tijd dat Amsterdam op de computerschermen stond moesten er mensen…

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.