Het geluk niets te voelen

Ik verstuurde de papieren voor een sportclub van Aran naar een opdrachtgever, omdat ik dacht dat het de overeenkomst van opdracht was, ik bond met tie-wraps een groen meisjesmandje aan mijn fiets wegens gebrek aan tas-ruimte, waardoor mijn stuur niet meer wil draaien en waar geen kinderbeentjes onder passen, en die fiets ís al zo zwaarbeladen met witte tassen waar biggetjes op staan, maar waar geen bagage in mag, omdat er al kinderbeentjes in zitten, het liefst achterstevoren op een kleurrijk op dikte uitgekozen kussen met een minuscuul ruggensteuntje en dan toch hard gaan mama, ik voel het wapperen, rij je ook over die hobbel? Harder! Hobbel! Ik voel helemaal NIETS!
Milo en ik dragen allebei een jurk vandaag, mijn haar net zo ongeborsteld als het zijne en straks heb ik een afspraak met een financieel adviseur, maar misschien zou een afspraak met een kapper beter zijn. Nieuw haar, nieuwe spullen en als die overeenkomst nou ook op zijn plek zou vallen, naast de wijze woorden van de adviseur wellicht, dan is er straks zelfs geld om de boel te verbinden. Met een kleurig strikje, ongetwijfeld.

 

Vergelijkbare berichten

  • Inpakken

    ‘Ridder,’ leest Woek. ‘Hihhiii,’ zegt Milo. ‘Draak,’ zegt Woek. ‘Draah,’ zegt Milo. Ik denk dat we de belangrijkste woorden wel bij ons hebben.

  • De rovers komen!

    We maken het Roverslied voor bij het Roversboek. Of eigenlijk; het lied is er al. Ik heb het verzonnen met de drie akkoorden die ik ken en de melodie kwam vanzelf. Belangrijkste voorwaarde: je moet erbij kunnen stampen. Jaap speelt de akkoorden (en verzint er wat betere bij) en ik zing. Het werkt! Nu nog…

  • Te laat

    Ik was te laat met een tekst. Dat ben ik nooit. Of zelden. En vreemder nog, het was me enigszins ontgaan, dat ik bezig was de deadline te missen. Ook dat is niks voor mij. Het voordeel van een dode moeder is dan wel weer dat het je vergeven wordt. Bovendien was er van alles…

  • De meerkoet heeft het gedaan

    Toen mijn moeder nog in de revalidatiekliniek lag, zonder been, bijkomend van de operatie, werd het lente. Dus we gingen naar buiten. Achter de kliniek was een schelpenpad, een bruggetje, bomen. ‘Hoor je de specht,’ zei ze dan opgetogen. Ik wees op plantjes, waarvan ze altijd de namen wist.Het rondje werd steeds groter, hoewel ik…

  • Maria is weer thuis

    Toen we in het dok lagen, de derde dag ofzo, stond er opeens een man in de stuurhut. Dat was verder logisch, want in zo’n dok zetten ze een hele grote trap neer (type vliegtuigtrap maar dan wiebeliger – en viezer), en daarmee loop je door tot je boven bent. Het was Antoine, de oude…

  • Bankie

    Ik had zo’n gevreesd moment van burgerlijkheid. Iets wat je niet wilt zijn en dan toch opeens bent. Het ging over een bankje op de kade. Dat bankje stond zo’n beetje in onze woonkamer, omdat ons schip langs de kade ligt en omdat er nogal luide jongeren op zaten. Het was hun hangplek. Terwijl, zo…

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.