02 Dus hier zit de zomer

Na het zwemmen in zee zeg ik tegen Alexandra dat ik zo blij ben dat ze me heeft meegevraagd. Ze kijkt bijna verrast en in ieder geval oprecht blij. Ik ben dat ook. Dat dìt werk is, zo fijn.
We lopen over een zonnige weg, met een soort time share achtige appartementen en luide brommertjes, geen van de berijders heeft een helm op, in het Griekse Poros hoeft dat blijkbaar niet. We komen net van een klooster op de berg, waar een boze man riep dat de vrouwen rokken aan moesten omdat ze anders niet naar binnen mochten. Niet erg vredellievend, maar de plek was alweer zo prachtig, op een berg, met beneden de zee. Het rook er ook goed, het hars van naaldbomen en prachtige paarse en blauwe bloemen, hars dat zich sinds gisteren ook in mijn truitje heeft genesteld omdat ik erop zat terwijl ik tegen de bijbehorende boom aanleunde en schreef. Geurige bomenbloed.
Op de terugweg van dat klooster dus, stopten we om te zwemmen en nu wandelen we terug richting hotel, vanavond is het grote ritueel waarbij de visoenachtige-Dromen moeten komen, ik droom niet mee, maar kijk toe, een rol waar ik naar uitkijk. Jowi de vlieg op de muur, of eigenlijk; de wachtster in de hal, geen idee wat ik precies moet doen, maar je bent embedded journalist of niet. Ik kom er nog wel achter, plak gewoon mijn trui op mijn huid als ik het koud krijg.
En zo onderzoeken we voort, kijk ik mee, doen zij het werk en bedenk ik me steeds dat maken, in welke vorm dan ook, zelfs dromen maken, zoveel op alle andere soorten van maken lijkt. Geruststellend vind ik dat, dat we nog iets met deze zichzelf verwringende wereld proberen te doen, en dat er dan toch even (zon)licht kan komen. Straks wandel ik weer naar het water, om mijn vader te bellen (als dat lukt) en dan probeer ik gewoon iets van die zon door de telefoon heen te stralen.

Vergelijkbare berichten

  • Stoeptegel

    Na de Boekenweek voor jongeren, wat een week lang heel veel middelbare scholen betekende, was ik in de klas van Milo. Een verse groep 3, waar kinderen nog grote ogen krijgen als je behalve moeder ook auteur blijkt te zijn. We gingen een verhaal maken, dat had ik Milo en de juf beloofd, ik had…

  • Jariger

    Eind april en half mei verjaren mijn zonen. Dan roept Aran eerst twee weken lang; haha, ik ben vijf jaar ouder dan jij. Totdat het vanmorgen niet meer hoefde. We stonden om half zeven op voor de cadeautjes, en Milo was volgens zijn grote broer enorm ‘lucky’ is omdat hij een hele goeie pokemankaart packte….

  • Hoei

    Regelmatig kom ik mijn opvoeding tegen. Zoals nu, in een vreemde stad, met nieuwe mensen om mee samen te werken. Hoe werkt dat? Stuur je dan ’s nachts nog dat berichtje om te vragen hoe de voorstelling was, of is na middernacht echt te laat (zelfs al wordt er ’s nachts aan krantjes gewerkt) en…

  • Swiss

    Lonneke en ik zijn in Genève op kraambezoek. Het jongetje in kwestie is inmiddels 16 maanden oud, maar het mag nog, vinden we allemaal. Mijn koffer zit vol met Jip en Janneke spullen. Balthazar, zo heet het jongetje, is vooral geïnteresseerd in het pakpapier en de bekertjes. We drinken een heleboel koffie samen. Het is…

  • |

    zwabbert door de nacht

    Mijn hoofd dat zich niet leeg laat denken. Over meningen en waarom die altijd ergens tegen zijn. Waarom ze gelijk staan aan roepen dat de anderen het mis hebben. Dat ze stom zijn. Stomme piemels hebben. Zelfs al hebben ze die niet. Dat soort meningen. Waardoor ik steeds denk dat ik moet roepen, harder moet…

  • Heler

    Mijn fysiotherapeut is een wonderman. Hij repareerde mijn rug door aan mijn heup te trekken -dat was best eng, maar wat werkt mag eng zijn- en hij is er nu van overtuigd dat die schouder die het al honderd jaar niet meer doet, toch nog te fixen is. Er zijn niet veel mensen die goed…

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.