Winst

Tussen het schrijven door rij ik naar mijn vader. Hij krijgt vandaag, omdat hij een staaroperatie heeft gehad, een nieuwe oogmeting.
Zijn dag gaat wat stroef merk ik, en ik help niet. Ik sta te snel afgesteld, hij te langzaam. Dat vertraagt hem nog meer, en maakt mij een stuiterballetje.
Desondanks kopen we een scheerapparaat met een leuke draaikop, en we zoeken in de boekhandel ernaast naar een harde kaft, ruitjespapier, ringblok. We vinden het niet, maar dat hoort bij een zoektocht, besluiten we. Bij de opticien struikelt mijn vader over het opstapje, hij houdt zijn balans, maar we schrikken allebei en ik denk; hoe zou dat voor mij zijn, na weken geen of nauwelijks mensen die winkels, deze interactie. Iets met een stroboscoop denk ik vaag, en hol snel een Kruidvat in om spullen te kopen die ik niet nodig heb.
Als ik mijn vader twintig minuten later weer ophaal, ziet hij er uitgeput uit. Maar de opticien is tevreden: ‘Eerst drieĆ«nhalf nu anderhalf. En rechts bijna honderd procent.’ Het nieuw geslepen glas is over een week klaar, dan mogen we de bril langsbrengen en wordt alles in elkaar gezet.
Mijn vader neemt de drempel dit keer zorgvuldig. We slaan de Hema bij nader inzien over; het voelt allemaal net iets te wiebelig. Zijn knie, de wereld, al die mondkapjes.
‘Dat ging goed,’ zeg ik bij de auto. ‘Goeie cijfers,’ voeg ik eraan toe.
Hij knikt weer, en kijkt dan even net als een opgetogen schooljongen: ‘Welk cijfer had ik ook alweer?’

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.