s’-Hertogenbosch

Jarenlang vond ik Bossche bollen het lekkerste wat er bestond. Tot ik ontdekte dat je ook teveel slagroom kunt eten. Van het ene op het andere moment werd ik misselijk als ik zo’n bol tegenkwam. Omdat ik dat lastig te geloven vond at ik een tijdlang méér bollen. Maar nee, elke keer, na een paar happen; misselijk. Dus ik stopte ermee – bijna. Eén keer per jaar bestelde ik nog plechtig een grote soes gevuld met slagroom en liefst ook chocola er bovenop en dan nam ik me voor het dit keer lekker te gaan vinden. Opnieuw lekker, heerlijk zelfs, zo heerlijk als vroeger.
Hoezeer ik het me ook voorstelde; het werkte niet.

Straks pak ik de trein naar ‘s-Hertogenbosch. Met mijn Amsterdamse stadsfiets, hup die wagon in. Ik heb al een kaartje. Ik heb een tas met spullen achterop, ik maak me zenuwachtig dat ik niet in de trein pas, omdat achtendertig gebruinde vijftigers met hun hippe racefietsen de deur barricaderen. Dat zie je pas als je er bent, zou je kunnen zeggen, zeggen mensen ook. Dus waarom zou je je nu al druk maken. Maar ik stel me juist honderd keer voor dat ik in die trein stap en op diverse manieren blijf haken, tussen trein en perron val, me vastgrijp aan zo’n vijftiger en al zijn bruine benen breek, sorry sorry gillend. De conclusie: daar heb je ook niet altijd wat aan, fantasie. Nog een conclusie: soms wil je dat je geen zenuwenlijer bent maar dan ben je het toch. Laatste conclusie: ik weet niet of ik zo heel goed ben in conclusies.

Het goeie nieuws: uiteindelijk kom ik er wel, dat weet ik heus wel. Desnoods fiets ik er naartoe. Want ik mag van 1 t/m 11 augustus verslag doen van Theaterfestival Boulevard, het beste theaterfestival van Nederland. En dan wil ik natuurlijk ook de beste verhalen schrijven, en de beste observaties doen – en daar maak ik me nu al druk om – maar ik kan alleen maar zijn wie ik ben. En dat is zo goed mogelijk. Net als dat festival misschien wel; een feestje dat zichzelf door middel van een heuse onderzoekslaboratorium getiteld BLVR&D in de bek durft te kijken, dat dóór ontwikkelt, dat groeit en lef kweekt waar je bij staat. Dus als ik daar eenmaal ben, dan zit ik goed. Dan is de regen gestopt, bestel ik een Bossche bol en maak ik een foto van mijn fiets die ik dan later boven een nieuw bericht zal plaatsen, beloofd.

Een Bossche bol? Jazeker. Want ik vind ze weer lekker. Combinatie van doorontwikkelen en nooit de hoop opgeven.


Vergelijkbare berichten

  • De ochtend koesteren

    Milo liep de hele ochtend al rond met Arans rugzak omdat ik had geroepen dat ik kleine jongens met grote tassen zo lief vind. Iets later fietste ik een stukje met Aran mee richting middelbare school. We hadden het over huiswerkstrategieën. Of we een kleurenprinter nodig hebben voor BeVo (bij ons heette dat handvaardigheid), maar…

  • Jacht

    Terwijl aan de overkant van de oceaan een heel continent in zee dreigt te verdwenen, concentreer ik me hier op nieuwe verhalen. Verhalen die het gat na Weg moeten opvullen. Verhalen die iets nieuws vertellen, die mij iets nieuws vertellen, die maken dat ik weer begrijp wat ik aan het doen ben – behalve dropjes eten. Links…

  • |

    Er is er een jarig

    ‘Ga maar naar je werk, vandaag gaat ze heus niet bevallen,’ zei de verpleegkundige met zekerheid. Dus Edwin ging naar zijn werk, Natasja kwam op bezoek, Milo werd geboren. Op 13 mei 2013, 26 weken en 2 dagen oud, drie maanden te vroeg. Gisteren sprak ik de dokter van het AMC, Milo’s geboortegrond. Milo hoeft…

  • Wowowowo

    Het Roverslied is af. Het staat nog niet online, maar het is er al wel. En het is een fijn lied! Niet moeilijk ook. Sterker nog, vanmorgen bij het schoenen aantrekken zong tweejarige Milo het al. Het ging ongeveer zo: Hoihoihoihoi, hohohoho, wowowowo, gogogogo. Eitje.  

  • De behandeling van uw vader

      Aran en Milo gingen gretiger dan anders naar opa omdat ik ze een wortel had voorgehouden; ze mochten aldaar alvast een verjaarscadeau uitpakken. In het kader van de scheiding en de eerste keer verjaardagen besloot ik dit jaar tot maximale verjaardagsspreiding. Dit was stap één. Mijn tante was er ook, dat was de tweede…

Eén reactie

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.