Septemberschrijfopdracht deel 2
Ik las gisteren: Je kunt niet helen van iets wat je niet ziet.
Vandaag bouw ik daar een persoon bij.
Is ze (ik zeg voor het gemak ‘ze’, maar het zou dus ook hij of hen kunnen zijn) het eens met die zin? Wat zit erachter? Een psychologisch drama? Een vergeten, maar uiteraard essentieel, moment?
Dit is schrijfopdracht deel 2 (je hebt er 2 dagen de tijd voor); denk vagelijk en licht over het personage dat zou kunnen horen bij de zin die je gisteren bewaarde.