Nieuwjaarskonijnen

Twee dagen ben ik alleen thuis geweest zonder programma, dus ik fiets met een zware vuilniszak over straat. Twee dagen lang heb ik zacht zoemend opgeruimd, gesorteerd en weggegooid. Ik ontdek nu pas dat mijn Amsterdamse Haarlemmerdijk is overnomen door de toeristen en ik schrik ervan. Toeristen die wat tijdzones voorlopen bovendien, waardoor hún oudejaarsavond allang begonnen is. ‘Loop door,’ roep ik naar een Italiaan, die me als een stoned konijn aanstaart, terwijl ik met één hand aan het stuur en in die andere die zware vuilniszak om hem heen probeer te fietsen. Ik moet nog een pakje ophalen ook, iets verderop richting Centraal Station, en daar is het helemaal bal; daar lopen ze vijf rijen dik en als het geen stonede Italianen zijn, dan families met dubbele kinderwagen, XL-modelletjes, allemaal. Ze steken ze voor zich uit als bulldozers, hun kinderen met flapoormutsjes stijf overeind in de kar.
Het pakje is snel gevonden, ik ben binnen een paar tellen weer bij mijn fiets, maar keren, bewegen, terug naar huis, dat duurt even. Ik probeer niet ongeduldig te zijn, te vinden dat ik recht op ruimte heb. En terwijl de stroom mensen me passeert hoor ik nog iemand die dat vindt, maar hij vindt het misschien al wat langer dan ik. Het is een stem in die stroom (ik vermoed die oude man, met zijn piekerige grijze haar, zijn ietwat verkleurde neus, zijn woedend dichtgeknepen ogen) en hij zegt: ‘Oprottenoprottenoprottenallemaal’. Opeens ben ik mijn eigen grimmigheid kwijt, want ik begrijp het, ze móeten wel stromen. We zijn immers op weg naar volgend jaar en dus eerst nog even met zijn allen door dat ene putje.
Ik draai me naar de man, die allang één van de vele ruggen is geworden en ik fluister voor hem: ‘Gelukkig nieuwjaar meneer – ook namens alle konijnen.’

Vergelijkbare berichten

  • Mijn Griffel en ik

    Nadat ik was thuisgekomen met mijn griffel, mocht Milo hem vasthouden. Dat was leuk, we waren alleen thuis, mijn achtjarige en ik. Hij had de griffel in beide handen vast en keek naar me met een nieuwe blik in zijn ogen. Bewondering misschien, maar eerder nog: verrassing. Gut, die moeder van mij kán iets. Zodra…

  • Prik

    We gaan straks uit vaccineren, Aran en ik. Gisteren probeerde ik ons samen in te plannen, zijn eerste, mijn tweede, maar dat bleek logistiek een brug te ver. Dus nu gaat Aran naar het inloopspreekuur en ik daarna naar mijn afspraak. Hij vindt het spannend, we hebben al een paar keer berekend hoe laat hij…

  • Best ever

    Ze raakt even mijn buik aan, want dat is hoe hoog ze is. Daarna laat ze haar ringetje zien; het steentje was eerst heel, maar nu niet meer. Ik zie het.We zitten in een ongebruikt klaslokaal, beter dan het halletje waar we eerst zaten. We hebben het over personages en wat dat zijn, en vooral…

  • New York Meerkoet

    Zondag vlieg ik naar New York. Voor het eerst sinds honderd jaar weer, ongeveer. Christoph zegt dat er tegenwoordig een heleboel mensen (mole people) in de ondergrondse leven – een corona-erfenis – en dan moet ik meteen aan het boek van Anna Woltz denken. Ik herinner me dat ik een keer in de metro in…

  • Jacht

    Terwijl aan de overkant van de oceaan een heel continent in zee dreigt te verdwenen, concentreer ik me hier op nieuwe verhalen. Verhalen die het gat na Weg moeten opvullen. Verhalen die iets nieuws vertellen, die mij iets nieuws vertellen, die maken dat ik weer begrijp wat ik aan het doen ben – behalve dropjes eten. Links…

  • Nieuw en vers

    We gaan op bezoek in het AMC, of eigenlijk het UMC, bij een te vroeg geboren kindje, of eigenlijk, bij de ouders van het te vroeg geboren kindje. Aangezien de vakantie nooit meer op lijkt te houden, gaan de jongetjes mee. Milo heeft er wel zin in. Die is nog steeds onder de indruk van…

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.