Kinderboekenbal 2026 en de papieren helden
‘Opeens geef je schrijfadvies,’ Marcel rolde met zijn ogen. ‘Ik wil dat je stukjes schrijft op je blog.’ Hij kan wat dwingend zijn, die leuke schrijver van steeds engere boeken.
Schrijven over het kinderboekenbal bedoelde hij dus, waar ik in mijn signaalrode jurk rondfladderde. Ik was er blij, het zaalprogramma was ontroerend mooi, met het eerbetoon aan Sjoerd Kuyper en ook de hulde aan al die winnaars van afgelopen jaar, fijn CPNB! Terecht bovendien, we moeten onszelf vieren, zien en bewonderen. Want als wij het niet doen, hoe gaan al die wel/niet-lezende kinderen het dan doen? Helden moeten we zijn, in alle vormen en maten, die neerstrijken achter laptops, klaslokalen betreden en overal met onze schrijversogen nieuw licht op de zaken werpen. Wij maken de wereld breder en ruimer, of wat je ook maar wil van die wereld. En dat is vaak zacht en zacht is goed. Onze bommen zijn van papier, ons klimaat is, zelfs als het stormt, te overleven, en onze stem spreekt direct aan de binnenkant van jouw hoofd. Directer en menselijker kan niet.
‘Ik doe het,’ zei ik plechtig. Daarna struikelde ik over het Rembrandtplein vol politie en dronken types als een rood motje naar mijn fiets, stuntelde wat met mijn te lange jurk flap en reed zwabberend over de grachten naar huis. Maar van binnen vloog ik.