De een na laatste
Lees hem hier
En de laatste staat er vandaag in
30 Juli 08 om 19:10 :: Reageer (zes)
Vissendans

Update: Het is geen beste foto, maar wie goed kijkt ziet dat allevier de meerkoeten 's avonds nog steeds proberen in dat ene kleine nest te klimmen.
Het is hele avonden biggen en pikken en soms hoor je een plons en een gepiep alsof de wereld vergaat. Meerkoeten hebben - in meerdere opzichten - geen enkel gevoel voor verhoudingen.
En mooier, maar ik heb er geen foto van:
Twee nachten geleden werd ik om vijf uur 's ochtends wakker en ging ik naar de stuurhut om naar het water te kijken.
Nog nooit zoiets moois gezien: een lichte nevel waar vier eenden traag naartoe zwommen. Geen zuchtje wind en toch overal kringen op het water, het waren dansende vissen.
Joekels, soms kwamen ze half uit het water, soms werd er alleen lucht gehapt.
En dan dat blauwe licht van het blauwe uur.
Ik ben wakker gebleven en gaan schrijven.
In mijn nieuwe boek zit een vissendans.
28 Juli 08 om 07:56 :: Reageer (acht)
Vlieland
Het Vlieland verhaal staat in nrc.next!
Ik was vandaag bij de fysiotherapeut die tegelijk met mij op Vlieland was met als verschil dat hij er vakantie vierde en ik er illegaal met krukken rondstrompelde.
En ik was wel van plan iets in die richting te zeggen of hem wellicht een nrc.next onder de neus te duwen maar toen zei hij: 'Ben ik alweer je naam vergeten.'
Toen heb ik vlug gezegd dat ik Arie heet.
24 Juli 08 om 12:42 :: Reageer (tien)
Dat ik vind dat ik beter ben

Zes weken geleden werd er in mijn been gesneden.
Ik moest de hele dag in het ziekenhuis wachten, want hoewel ik om drie uur geopereerd zou worden, hadden ze me graag om acht uur al binnen.
Ziekenhuizen denken in protocollen, niet in mensen, vandaar.
Ik herinner me dat ik met twee weekendkranten op het ziekenhuisbed zat en af en toe, als niemand keek, een kusje op mijn knie gaf.
Dag knie, ook al ben je stuk, dank je wel.
Nu zit ik achter mijn bureau met mijn knie onder tafel alsof er niets aan de hand is.
Ik zit er voor het eerst, want de afgelopen weken heb ik op een luchtbed doorgebracht. Toetsenbord op schoot, beeldscherm op een wankele doosconstructie.
Een gouden greep, ik kan iedereen een luchtbed aanraden, maar ook erg...gewond.
Dus ben ik vanmorgen aan de slag gegaan en alleen al het verplaatsen van de computer en alle bijbehorende draden was een fitness test. (Wanneer komt eindelijk die geheel draadloze computer inclusief scherm en accessoires??)
En straks ga ik op de fiets naar de fysio.
Das nog een beetje illegaal, maar ik voel dat ik het kan, bovendien heb ik dit weekend geoefend. (Dat is net als met auto leren rijden: volgens mij hebben hele volksstammen leren inparkeren in de geleende auto van een vriend op een afgelegen parkeerterrein voorafgaand aan het rijbrevet)
Hopelijk zegt de fysio iets in de trant van 'ga zo door' en word ik de wijde wereld ingestuurd. (waarschijnlijk zegtie 'rustig aan doen Jowi, je wilt te snel, pas nou maar op doe nou maar voorzichtig kijk nou maar uit' - maar dan lach ik vriendelijk en hoop ik dat hij de bosjes peterselie in mijn oren niet ziet)
En dan sta ik opeens weer buiten. In Amsterdam Oost met de fiets in mijn hand en dan aarzel ik.
Dat is onwennigheid, dat is wat zeehondjes doen als ze net worden vrijgelaten uit Pieterburen en de zee zien. Dan gaan ze eerst even verbaasd om die kooi heen buiken, zo van vrij? Ik?
Maar onder die eerste aarzeling weet ik natuurlijk, net als de zeehondjes, precies wat ik ga doen. Ik ga naar een café fietsen en daar bestel ik een koffie verkeerd.
En dan ga ik eindelijk weer in het wild schrijven. Gewoon met de hand.
21 Juli 08 om 10:10 :: Reageer (zeven)
Het mais van Kootwijk
NB [21 juli] ik lees vandaag in de krant dat het niet waar is wat ik schreef hieronder. Het mais zit er wel in. Met een prachtige foto erbij bovendien. Raar, dat ik me eenmaal geschreven verhalen zo slecht herinner. Anderzijds; twee keer maisvelden is ook niet erg
Dit is een stukje dat niet meer in het nrcnext verhaal paste (vandaag deel 2! Koop die krant!), maar ik heb er nog dagen mee rond gelopen.
Er was in Kootwijk een maisveld dat hoger was dan wij. Daar renden we doorheen tot de boer vloekend en tierend onze richting op dreigde te komen.
Er zaten ook onverwachte ronde plekken in dat veld, van die plekken die ze later aan aliens toeschreven.
Op die plekken maakten we dan een hut, of eigenlijk deden we niks en noemden het hut.
Als er nichtjes mee waren was er een jongenshut en een meisjeshut. Het viel niet mee je eigen hut terug te vinden.
Als stadskindje heb ik later nog lang gedacht dat ze het mais toen ik ouder werd expres klein hielden, in het kader van de bezuinigingen.
Ik wilde er actie tegen voeren.
Ik hou ook erg van een labyrint met een heg waar je niet overheen kunt kijken, dat je net als een kind in opgetogen gruwel kunt geloven dat het zoeken nooit meer ophoudt.
Ze zouden meer van dat soort labyrinten moeten maken, want ik het is goed als ook volgroeide mensen dingen tegenkomen die groter zijn dan zijzelf. Dat schept perspectief.
En anders moeten ze gewoon het mais weer laten groeien.
Op de dam bijvoorbeeld.
17 Juli 08 om 11:25 :: Reageer (tien)
The making off..het Sneekermeer

(wil je weten waar dit over gaat? de komende weken geef ik achtergrond informatie bij mijn verhalen in nrc.next)
Het begon er al mee dat ik werd gebeld door een redacteur die als eerste zei: 'Het is een superleuke opdracht, maar waarschijnlijk kan je niet vanwege je knie'.
Had hij denkelijk op deze website gelezen, dat zal me leren zo openhartig te zijn.
Ik riep natuurlijk meteen vanalles over rolstoelen en krukken en bovenal zin! Zin om verhalen te schrijven over vakantieplekken uit de jaren zeventig en tachtig.
Niet alleen was het afleiding voor zes weken bootarrest, het viel ook perfect samen met mijn groeiende behoefte een autobiografisch uitstapje te maken.
Na twee romans waar ik zelf niet in voorkwam was ik aan het nadenken over authenticiteit.
Nog los van hoe lezers een autobiografischer -nooit helemaal alles geloven hè, ieder verhaal dat je meer dan één keer vertelt is fictie - verhaal zouden waarderen, was ik in eerste instantie benieuwd hoe het zou voelen om het te schrijven. Ik bedoel, een personage dat ik verzin komt ook uit mijn hoofd, das dus ook authentiek. Of niet? Is er een verschil met eigen belevenissen, het soort dat je normaal op feestjes als anekdote vertelt, of snikkend aan je beste vriendin toevertrouwd?
Ik kan nu zeggen: het schrijven ervan voelt in ieder geval geweldig!
Zeker door het kader dat erbij kwam. Op pad door Nederland en alles wat je ziet langs de meetlat van vroeger leggen.
Alsof je je eigen verleden opnieuw mag uitvinden.
Vandaag staat de eerste van zeven er in: over Floor Kist en het zomerkamp.
Het kwam ook helemaal terug, dat gevoel voor het eerst verliefd te zijn en niet eens echt goed te weten was het was.
En ook dat zo'n kampleider zoveel indruk op je kan maken terwijl hij het zelf waarschijnlijk allemaal vergeten is.
Nu heb ik een mailtje gekregen dat de chef van nrc.next Floor waarschijnlijk kent.
Stel dat hij contact opneemt.
Aiai.
Ben ik vast acuut weer elf.
15 Juli 08 om 10:45 :: Reageer (twaalf)
Mijn vakantieherinneringen in nrc.next!

De serie start 14 juli: Walter van den Berg en ik schrijven om en om over vroegere vakantieplekken in Nederland in nrc.next.
Walter is vandaag (14 juli dus) als eerste, morgen mag ik vertellen hoe ik als kalfje verliefd werd op Floor Kist op kamp bij 't Sneekermeer.
In totaal vijftien verhalen, drie weken lang, allemaal de moeite waard!
Spannend!
14 Juli 08 om 18:34 :: Reageer (zes)
Dat ik leef
Ik was eergisteren bij een reserve-fysio en die zei: 'slaap je wel genoeg, je ziet er moe uit.'
En ze maakte zo'n gebaar van wallen onder mijn ogen.
Zelf vond ik dat ik er uitstekend uitzag, bovendien is slapen zo'n beetje het enige wat ik uitbundig kan doen in deze periode - niet dat ik het doe, daar had ze dan ook wel weer gelijk in.
Ik denk dat sindsdien in alle traagte de somberte aan het toeslaan is.
Gisteren vroeg Huda, met wie ik al twee weken geleden op vakantie zou gaan en die ik liet stikken omdat die knie er tussendoor fietste, of ik dan komende week mee wou naar Barcelona.
Maar komende week is nog te vroeg.
Komende week ben ik nog niet heel.
Ik ben daarna maar eens onder een dekbed op de bank gekropen.
Vanmorgen heb ik geprobeerd bij mezelf naar binnen te kijken.
Dit is wat ik doe:
Ik spring.
Ik ben in één grote beweging over deze periode heen aan het springen.
Fanatiek vijf keer per dag een set knie-oefeningen.
Fanatiek verhaaltjes schrijven en zodra ik het niet meer weet nog meer oefeningen.
Heel vaak mijn mail checken.
Fanatiek babbelen tegen glimlachend ziekenbezoek op de bank.
En dat ging best goed, maar het punt is dat de aarde weer in zicht komt.
Zes weken mag je écht die knie niet belasten omdat die transplantatie moet aangroeien.
Maar ik voel nu wel dat ik na die zes weken heus niet opeens weer alles kan.
En belangrijker: dat ik straks totaal niet weet waar ik naartoe ga.
Dat die baan als verhalenschrijver nog steeds niet is uitgevonden, terwijl ik die zo vreselijk graag zou willen.
Dat mijn leven van klusjes aan elkaar hangt, maar dat ik vaste banen tot nu toe afsla.
Dit is niet een logje dat ik zo zielig ben, trouwens.
Het is meer een verhaal over verlangen in botsing met de realiteit.
Misschien is dat leven wel.
Misschien is dit een logje dat ik in leven ben.
11 Juli 08 om 10:34 :: Reageer (veertien)
Wadlopen op krukken
Vandaag is het precies een maand geleden dat ik aan mijn knie ben geopereerd.
En gisteren was ik op Vlieland.
Heel even maar, we zijn op en neer gevaren wegens een zeer fijne krantenopdracht over vakantieplekken, waarover een andere keer meer.
We deden drie uur Vieland en daarna weer terug met de snelboot.
Omdat ik heus modelpatiente wil zijn, zelfs als mijn fysio op vakantie is, hadden we van tevoren een rolstoel geregeld, want met maximaal vijftig minuten lopen per dag hou je toch nog een paar uur over.
Maar de rolstoel was lek, waarover een andere keer meer.
Pas op het moment dat ik stok aan wal zette, herinnerde ik me waar mijn fysio op vakantie was.
Vlieland.
Vanaf dat moment was het best heel spannend om door de Dorpsstraat te krukken. Ik had mijn capuchon op, dus mijn gezicht kon hij niet zien, maar mijn been zat in nogal een opvallende blauwe brace en aangezien hij kniespecialist is, zo legde ik mijn lief uit, zou dat als een lap op een stier werken.
Dus zijn we de dijk op gevlucht. Dat klonk zo: homp homp, tjok. Want gras klinkt als homp, of klinkt eigenlijk helemaal niet, maar om een idee te geven.
En het ging ook best goed, vond ik zelf.
Toen we gisteravond weer thuis kwamen zei mijn lief: 'Eigenlijk is het net als op school. Als je niet gepakt wordt omdat je hebt gespijbeld, heb je niet gespijbeld.'
Ik keek hem vragend aan: 'Dus jij bedoelt dat ik eigenlijk helemaal niet op Vlieland ben geweest?'
'Precies. En je hebt er al helemaal niet rondgelopen.'
Dat bedoel ik dus.
Ik ben een modelpatiente met een vet slimme bondgenoot.
07 Juli 08 om 17:59 :: Reageer (veertien)
Weg met leren kennen
Een vriendin van mij heeft na stralend verliefde weken voor het eerst mot met haar vriend.
En ik snap waarom. Hij is net iets eerder dan zij van die roze wolk afgeklauterd. Hij ziet opeens mindere kanten, of beter gezegd, zíjn mindere kanten in combinatie met haar mindere kanten.
Zij is eigenlijk nog net niet zo ver, maar dankzij zijn nukken zit ook haar wolk niet lekker meer.
Ik ken geen enkele relatie die niet door deze fase heen moet. (of ja, er zijn mensen die heel erg lang oppervlakkig samenblijven, maar geloof me, die hebben nog veel grotere problemen)
Het is de botsauto fase.
Soms haal je het einde samen, soms niet. Maar altijd kom je er een beetje gehavend uit.
Elkaar leren kennen.
Daar is - in tegenstelling tot wat mensen soms denken - vrijwel niets leuks aan.
Of het moet de ontdekking zijn dat hij eigenlijk het liefst samen met zijn knuffelaap slaapt, maar dat jij er ook nog bij mag.
Elkaar niet kennen, dát is leuk.
Dat zijn die eerste weken, maanden soms.
Alles is geweldig, je inspireert elkaar, je hoeft nooit te slapen omdat je dubbele energie hebt, je hebt de mooiste beste leukste knapste vent ter wereld gevonden.
Elkaar goed kennen is ook geweldig.
Je kent elkaars nukken, hoeft je niet steeds alles persoonlijk aan te trekken, kan bouwen op vertrouwen.
Waarom moet daar toch die 'elkaar leren kennen' fase tussenin?
Waarom die stomme lelijke kanten nadat je alsmaar de mooie kanten hebt zitten bekijken?
Vrienden kunnen die fase meestal overslaan. Maar die zitten dan ook niet dag en nacht verliefd aan elkaar te frutsen. Dat is natuurlijk vragen om moeilijkheden.
Opeens ontdek je dat hij niet alleen heel veel kan, maar er ook heel veel opschept.
Dat hij om zijn eigen grappen lacht, maar nooit om die van jou.
Dat hij je ochtendhumeur niet meer vertederend vindt en dat zijn diepzinnigheid stevig verbonden blijkt te zijn met zelfmedelijden.
Pfff.
Vermoeiend.
Ik geloof niet erg in relaties die voor eeuwig standhouden.
Maar als ik denk aan 'leren kennen', dan ben ik toch wel heel blij dat ik mijn lief, die ik toch best goed ken, voorlopig nog even wil houden.
01 Juli 08 om 20:08 :: Reageer (17)

